We Did It! en dat was het dan we zijn weer heelhuids thuis.
Gisterenavond werden we supergoed ontvangen bij een deelnemer van “Vrienden op de Fiets” maar dit adres was Vriend ++ We kregen een complete bovenverdieping met twee slaapkamers en een eet-keuken en een grote douche en zo schoon en mooi. We kunnen dit adres van harte aanbevelen. En ook het ontbijt was meer dan Hotel kwaliteit dus aten we weer teveel 🙂 maar we moesten door dus om 08:45 uur namen we afscheid en stapte met stijve spieren op de fiets. maar wel in korte broek.

We gingen richting Rosmalen via Bedaf, Vorstenbosch, Loosbroek en Kaathoven. We merkten gelijk dat we de hele weg de wind tegen zouden hebben, dus het was weer flink doortrappen. Bij Hedel namen we de brug over de Maas en volgden we de Maasdijk tot Well. En ik moet zeggen: het reed fijn door. Het was niet druk op de dijk, dus konden we ook nog genieten van de omgeving en de leuke dijkhuisjes.
Vervolgens reden we via Nederhemert naar Aalst, waar we met een veerpontje de “Dode Maasarm” over moesten. Nou, doods was het daar wel. Aan het einde van een triest industrieterrein hadden ze wel hun best gedaan om op een groen grasveldje een picknicktafel met bank neer te zetten, en er stond een Mini Shop: zo’n automaat met koek en frisdrank. En ja, die moet je natuurlijk uitproberen. Dus stond ik te kauwen op een gevulde koek en Rob brak zijn tanden op een stroopwafel. In dit gebied moet je betalen voor de overtocht (dat is richting Limburg gratis). De kosten voor de overtocht zijn € 1,13 voor één persoon met fiets, en wel graag met pin betalen.
Aan de overkant besloten we koffie te gaan drinken. Daar stond ook een bankje en zaten we heerlijk in het zonnetje. Rob maakte als een barista een lekker bakkie Nescafé. Het leuke van een stop in de buitenlucht is dat je altijd wordt aangesproken en ze vragen wat je aan het doen bent en waar je vandaan komt. En gelijk krijg je advies hoe je moet rijden en welke fietservaringen zij hebben opgedaan, maar wel leuk. Na de koffie reden we verder, maar nu langs de “Afgedamde Maas”. Nou, namen kunnen ze wel verzinnen. Dus reden we op de Maasdijk richting Andel en vandaar reden we Reszik in, of voor ons beter bekend: Rijswijk. Leuk dorpje trouwens, maar we reden gauw door naar Woudrichem.

Nu kwamen we uit op de Merwede, en om precies te zijn de “Oude Merwede”, en uiteraard heet de dijk de Merwededijk. Ook hier was het plezierig fietsen en met het zonnetje in de rug trapten we zo flink wat kilometers weg richting Werkendam.Na het dorp moesten we naar een pad langs de Merwede, en daar hadden ze een nieuw fietspad aangelegd, mooi in het open gebied richting de Biesbosch. De wind wakkerde flink aan; we moesten alle zeilen bijzetten. De tegenliggers lachten naar ons bij het zien van ons gestoemp op de pedalen of lachten ze ons uit? Zij hadden immers windje mee.We haalden zowaar ook medetoeristen in, maar ik zat zowat achterstevoren op mijn fiets. Pff, wat een wind en wat was het nog ver. Maar je laat je niet kennen, dus trapten we flink door.Aan het einde van het fietspad konden we in de luwte even uitblazen en hup, weer verder. Maar dat hup moesten we even vergeten: ik had een lekke band, en nog wel mijn achterband. Dus bagagedrager eraf, de speciale steekas eruit het lek was duidelijk te zien, er zaten schelpscherfjes in mijn band, en ja, dat is scherp.De buitenband met de steekas‑truc eraf gekregen, en met een nieuw bandje erin alles weer gemonteerd. En ondanks de bagage ging het redelijk makkelijk.

Na de vertraging gingen we weer verder en konden al gauw weer stoppen voor de veerboot aldaar. De veerboot brengt je naar “Kop van ’t Land” en voor ons is dat wel een bekend gebied. Nu gingen we richting Dordrecht, Papendrecht en Alblasserdam, waar we met de pont moesten oversteken naar Krimpen aan de Lek. Maar omdat we vlakbij Kinderdijk waren, besloten we om daar koffie te gaan drinken, en toen konden we het saucijzenbroodje natuurlijk niet laten liggen.
Weer uitgerust gingen we nu dan met het bootje over. De rest van de tocht konden we wel met de ogen dicht doen. Dit is bekend gebied: van Krimpen aan de Lek naar Krimpen aan den IJssel, om dan via Capelle aan den IJssel naar Oud Verlaat en de Rotte te rijden.
Aan het einde van de Rotte sloegen we nog even linksaf om samen naar de finish te rijden. Onderweg namen we het hele avontuur nog één keer door. Daarna namen we afscheid, en Rob en ik keken elkaar aan met zo’n blik van, ja hoor, we hebben weer wat meegemaakt. Ik hoop dat dit verhaaltje onze tocht een beetje laat zien. Want je kunt niet alles opschrijven: de regen die in je schoenen liep, de wind die altijd van voren kwam, de lol onderweg, de mensen die we spraken, en al die kleine momenten die je niet kunt plannen. Maar gelukkig zit het mooiste gewoon in onze herinnering, en die waait er niet zomaar uit.
en nu op naar het volgende avontuur!




