
9 mei 2026 stond al een tijdje in de agenda, want dan is de Gelderse 11‑Stedentocht. Dus: plannen maar. Wie gaat er mee?
Fons, Romy, Ingrid en ik hadden meteen ingeschreven. Rob ook, maar die bleef ziek thuis. Daarna begon het geregel: vervoer, tijden, waar verzamelen?
Fons kwam helemaal uit het Tukkerland naar Tiel. De dames konden met mij meerijden, dus ik stond om 06:00 uur bij Romy voor de deur. Nou ja… dat was de bedoeling. Mijn wekker had óf geen zin, óf ik had hem verkeerd gezet. Op het moment dat ik eigenlijk weg moest, stapte ik pas uit bed. Gelukkig stond alles klaar en reed ik vijf minuten later weg. Gieneke gaf nog koffie en een krentebol mee. Dus toch op tijd maar de voorbereiding was niet best.

Ingrid opgehaald, en door naar Tiel, waar Fons al stond. Het was gezellig druk bij de start en de koffie smaakte goed. Veel groepen waren al vertrokken, dus wij haastten ons om ook te beginnen. Om 07:55 uur gingen we het terrein af voor de 225 km. Maar eerlijk: het voelde meteen niet goed. Was het de slechte voorbereiding? Of toch nog de nasleep van het ziek zijn? Ik wist het niet, maar mijn benen protesteerden.
Natuurlijk deed ik mijn best om met Fons op kop te rijden, maar na een tijdje moest ik toch naar achteren. Fons liet zien dat zijn hoogtestage van vorige week prima had gewerkt en trok ons richting Rhenen, waar de eerste hoogtemeters kwamen. Wij zijn geen berggeiten, maar we deden ons best om hem bij te houden.

We reden verder via Wageningen, Renkum, Doorwerth, Oosterbeek en Velp. Zeker niet vlak. Gelukkig was er daarna een goede rustplek met krentebollen, tukkies en winegums precies wat vermoeide klimmers nodig hebben. Nog steeds waren we met z’n vieren, en Fons startte zijn denkbeeldige brommer weer. Het leek steeds meer op een ploegachtervolging.





Na Arnhem, net voor Doesburg, kwamen we achter een groepje terecht. Fons trok nog even flink door om erbij te komen, en we konden mooi aansluiten. We hadden al veel deelnemers ingehaald. Het peloton groeide, want iedereen die we passeerden, haakte aan. Zo vlogen we richting Giesbeek. En ja, vliegen het groepje vooraan gooide het gas helemaal open. Met 38 à 39 km/u rolde het fietspad onder ons vandaan. Net voor Giesbeek werd het de dames te veel, maar met slim rijden trokken we ze weer terug in het wiel. “Opgeven is geen optie.”
Na Westervoort was de groep uitgeraasd en vervolgden we met een fijne 32 km/u. We passeerden Huissen, Angeren en Gendt en genoten van de omgeving.
Op naar Bemmel, richting Lent en Nijmegen. Die brug blijft toch altijd “een brug te ver”, maar we kwamen erover en bleven vastgeklikt aan het peloton. Wijchen lieten we rechts liggen en slingerden over de dijk langs het water prachtig uitzicht.
Op de Maasdijk ging het tempo weer omhoog. Hoe hard we ook probeerden, we moesten lossen. Een kruising oversteken brak ons ritme, en ondanks Fons’ inspanning kwamen we niet meer terug. In de verte zagen we gelukkig een ander groepje. Met een flinke inspanning sloten we aan. De vijf mannen reden keurig kop over kop, en wij zaten lekker in het wiel. Alleen Romy wilde met alle vijf tegelijk praten en ging zelfs op kop rijden. Dat had ze beter niet kunnen doen: lek. Achterband.
Snel het bandje vervangen, elektrische pomp erop, en weer door.
Bij de laatste stop aten we een broodje knakworst nieuwe brandstof. Via Zaltbommel en Leerdam gingen we verder. Nog 28 km te gaan. Ik voelde het al: dit werd één grote sprint. Fons was niet meer te houden. Alle broodjes kaas, worst en tukkies moesten verbrand worden. We haalden nog veel deelnemers in, niet om in het wiel te kruipen, maar om ze op snelheid te passeren en ze geen kans te geven om aan te haken.
Via Culemborg en Geldermalsen reden we Tiel weer binnen. De rondemis stond klaar en wij doken het terras op voor cola en noodles. Dik verdiend.

Fons, bedankt dat je een weekje in de bergen hebt geïnvesteerd om ons zo’n mooie dag te bezorgen. Van Romy, Ingrid en mij: helmpje af.
En ja, je miste Rob en Martijn voor het kopwerk maar eerlijk: je had ze niet nodig (al misten wij ze wel). Chapeau.


Nu, zonverbrand en moe, op naar huis. Verlangend naar een warme douche en vooral: rust. Heel veel rust.
Volgend jaar dus onze vierde editie. Inschrijven maar!
Kijk voor meer info over deze tocht op Komoot: [KLIK HIER]



