Grenspalentocht, een aanrader.

Dit weekend was het een lang weekend, dus ik had zin in een mooie tocht. Na wat zoeken vond ik een route in de Brabantse Kempen (Grenspalentocht). Ik was meteen enthousiast, want ik wilde daar al langer fietsen. Dus snel in de groep gegooid. Ingrid en Rob waren ook in voor dit plan, dus we konden gaan regelen, hoe laat vertrekken, waar starten? Ravels leek mij goed bereikbaar, dus dat werd ons startpunt in plaats van Reusel.

Om 09.00 uur stonden we strak klaar. We wisten dat het fris zou zijn, dus we kozen voor lange kleding. Waar we níet op rekenden, was de wind. Zo’n stevige tegenwind dat je denkt: “hou ik dat wel vol?” En die wind bleef bij ons tot Valkenswaard. Maar goed, zover waren we nog niet.

We reden via Hooge Mierde richting Reusel. Mooie paden, veel gravel, maar prima te doen met racefietsbandjes. In Reusel begon eigenlijk de officiële route, dus daar startten we de Garmin opnieuw. We hadden toen al 25 km in de benen.

Al snel zagen we de eerste grenspalen: paal 7, daarna paal 202. Van die nummers snapte ik niets. Richting Lommel kregen we nog steeds die koppige tegenwind. Hoe we ook draaiden, de wind draaide gezellig mee. Gelukkig voelden we ons sterk en hielden we het tempo goed vast.

Na Lommel kwamen we op het landweg-fietspad “Keunensloop”, weer gravel. Het stond beschreven als een pittig pad waar je goede conditie voor nodig hebt. Nou, gelukkig hadden we die.

Na grenspaal 181 kregen we een cadeautje: een groepje snelle fietsers kwam voorbij. Wij er meteen achter. Gratis kilometers! Helaas gingen ze op een gegeven moment een andere kant op. Met pijn in het hart lieten we ze gaan en vervolgden we onze eigen route maar wel door een prachtige omgeving. Nederland blijft mooi, zeker met een zonnetje erbij.

In Valkenswaard gingen we op zoek naar koffie. Via een omweg reden we naar Leende. We kwamen langs een camping waar Ingrid fijne fietsherinneringen aan had. Mijn praktische vraag “Kun je daar koffie drinken?” Nee dus. Maar in Leende zagen we een klein winkeltje met een terrasje. En ja hoor koffie! En heel veel lekkers. Rob wilde eigenlijk van alles één. Uiteindelijk kozen we voor kersenvlaai, vers en héél lekker. We zaten zo lekker dat we bijna een taxi hadden gebeld. Maar ja, we zaten pas op 80 km, dus hup, weer op de fiets.

We reden naar Soerendonk om het gravelpad Leenderheide te pakken. En ja hoor… nog steeds wind tegen. Aan het einde stond de Abdij Achelse Kluis. Dat gebouw kun je niet missen, dus even stoppen voor een foto. Daarna reden we langs de “Dodendraad”, een indrukwekkend grensmonument uit WOI. Aan de drukte te zien is het nog steeds een populaire plek.

Daarna richting Achel en Nederpelt. En toen begon het… de slagroom van de kersenvlaai deed mijn buik geen plezier. Ik weet dat ik niet goed ga op melkproducten, maar ja, het zat verstopt tussen de kersen. Ik voelde mijn kracht wegzakken. Gelukkig namen Ingrid en Rob de kop, en kon ik erachter blijven. Opgeven was geen optie.

We kwamen weer in een gebied met veel zand op het fietspad. Ingrid raakte met haar voorwiel precies in een zachte berm. Na wat geslinger was het niet meer te houden: pats, boem, bodemonderzoek. Gelukkig zonder schade.

Na Lommel reden we richting Turnhout, met veel geslinger langs het kanaal niet onze favoriet. Bij Ingrid was het beste er ook wel af, maar Rob gaf geen krimp en trok ons door de wind die nog steeds niet meewerkte.

Na Oud-Turnhout gingen we terug richting Ravels. Bij de auto stond de teller op 168,49 km. Net geen 170, maar dat maakte ons niets uit. We doken meteen de plaatselijke frietkot in voor een verdiend frietje met, en natuurlijk een blikje cola.

Een geslaagde dag, kou, zon, gravel, natuur, koffie, plezier, patat en vooral veel wind.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *